Een dubbeldate met Alicja Gescinska

17 januari 2026

Redacteur Lut Vael ging op dubbeldate met Alicja Gescinska. Lut schrijft: 'Sommige mensen zijn dan wel bekende schrijvers, denkers, fotografen, … laat ik het in één woord kunstenaars noemen, maar slagen erin mij voornamelijk aan te trekken om het soort mens dat ze zijn.
Zo iemand is voor mij Alicja Gescinska. Ik las al aardig wat van haar werk, maar toen ze haar boek Vrouwen in duistere tijden aankondigde, vond ik het tijd haar ook eens in levende lijve te ontmoeten. Dat deed ik in de Vooruit op 13 december 2025 en in Liberas op 15 januari 2026. Tussendoor las ik al een stukje van haar nieuwe boek.'

Alicja in gesprek met Stephan Van Fleteren

Tijdens het Festival van de Gelijkheid organiseerde PEN Vlaanderen, waar Alicja voorzitter van is sinds 2023, een inspirerende ontmoeting tussen fotograaf Stephan Van Fleteren en Alicja. In het eminente lijstje voorzitters van PEN Vlaanderen, sinds 1930, is Alicja de derde vrouw, na Monika Van Paemel en Joke Van Leeuwen.

Dat PEN Vlaanderen een stem wil geven, of een luidspreker, een geluidsversterker voor dichters, essayisten en novelisten, zegt Alicja. Waarop Stephan antwoordt dat hij geen dichter is. Dat doet hij ongeveer met deze woorden:

“De zee is een natte draad in mijn leven. Ik ben er opgegroeid en ik blijf er naar terugkeren: de vissers de zee zien opgaan, de mensen op het strand; voor mij is het een ritueel vanuit de branding de zee in te gaan, de conflictzone tussen land en zee, de botsing tussen twee krachten.”

Als Alicja antwoordt dat hij wel degelijk een dichter is, maar dan met beelden in plaats van woorden, vind ik persoonlijk dat ze zijn hier bovenstaande beschrijving van zijn band met de zee wat oneer aan doet. Want hoe mooi omschreven is dat. Voor mij persoonlijk de rechtstreekse aanleiding om in de Kerstvakantie “Transcripts of a sea” te gaan bekijken. En dan gaf ik Alicja natuurlijk overschot van gelijk. En toch raakt ook Stephan Van Fleteren in deze tentoonstelling én door zijn fenomenale fotografie maar ook door de wijze waarop hij verbindt met andere kunstenaars, met schilders van de zee, maar ook met woordkunstenaars, met schrijvers, met dichters.

Alicja vertelt over Mona, het hoofdpersonage in haar novelle De gezichtslozen, dat ze wellicht iets weg heeft van het jongere zelf van de schrijfster. We weten eigenlijk niet zoveel van Mona. Enkel dat ze “van het continent” is en dat ze zich op haar reis naar Beiroet bewust wordt van haar Westerse blik. Mona reisde naar Beiroet om te werken aan een reportage. Ze is met name op zoek naar beelden die “haar sterken in haar roeping als kunstfotografe”.

In 2017 reisde Alicja zelf naar Libanon in het kader van het programma Wanderlust dat ze maakte voor Canvas. Haar bezoek aan Shatila, het Palestijnse vluchtelingenkamp in het zuiden van Beiroet, voelde voor haar als een aardverschuiving. Ze vertelt dat ze meteen al de eerste avond een hele lange brief schreef aan een goede vriend. Pas 8 jaar later kwam het boek.

Stephan vertelt dat hij opgehouden is met fotojournalistiek omdat de realiteit voor hem te complex is geworden. Dat maakt het des te moeilijker om nog diepgravend werk te kunnen neerzetten. Voor hem is het belangrijk om steeds mensen in gelaagdheid te kunnen fotograferen. Hij merkt dat hij daar enkel toe kan komen vanuit een oprechte menselijke belangstelling in de mens die hij fotografeert.

Dat doet Alicja een bruggetje maken naar haar nieuwe boek Vrouwen in duistere tijden.

Dit werk is ontstaan uit meerdere behoeften. Zo vond ze het reeds als filosofiestudente opmerkelijk dat ze slechts 1 vrouwelijke prof had en dat ze in haar curriculum GEEN ENKELE vrouwelijke denker onderwezen kreeg. Toen ze die vraag stelde, of er dan geen vrouwelijke denkers waren geweest, werd dit verklaard vanuit de vroegere tijden waarin vrouwen minder kansen in opleiding kregen, meer met het gezin bezig waren en vanuit die feiten automatisch over weinig interessante zaken of ideeën iets te vertellen hadden. Zelfs Alicja liet zich daar destijds mee paaien en dacht, in deze tijden gaat dit toch veranderen.

Maar in de ondertussen reeds 25 jaren werk als filosofe kwam ze tot de vaststelling dat dit helemaal niet veranderde. Nog steeds moeten vrouwen veel meer inspanningen doen om gezien en gehoord te worden.

Duistere tijden

Dat we momenteel in duistere tijden leven en steeds meer mensen vergelijkingen maken met de jaren dertig van de vorige eeuw, is een open deur in trappen. Maar Alicja ging op zoek naar welke rol vrouwen hebben gespeeld in die gewelddadige 20e eeuw. En ze kwam tot de vaststelling dat ze wel degelijk impact hebben gehad én dat er iets te leren valt van hen.

Alicja herkende zich op verschillende manieren in deze vrouwen en ze dragen met z’n elven ook een gemeenschappelijk kenmerk met zich mee: het zijn allemaal vrouwen die op één of andere manier ontheemd waren. Als je je vertrouwde omgeving moet verlaten door oorlog, geweld, vervolging of natuurrampen, raak je je roots kwijt. Dat gevoel van ontheemding raak je nooit meer kwijt maar het kan je dus ook verbinden met anderen. Alicja wou een hoopvol verhaal brengen van hoe deze 10 vrouwen erin geslaagd zijn te WETEN wat er aan het gebeuren was, er over te schrijven op heel verschillende manieren en hoe ze zo met hun individuele levens betekenis hebben gegeven, een “antwoord hebben geleefd op het kwade”.

Herkennen we in onze tijden nu een stuk van de groeiende onvrijheid die ook deze vrouwen meemaakten tijden hun levens?

Op wereldvlak zeker wel, gelukkig is er hier nog geen echte censuur, maar er is wel al sprake van een zekere zelfcensuur. Zo vertelt Stephan over zijn bewuste keuze om geen transmigranten meer te fotograferen in zijn werk over de zee. Hij spreekt over een zekere gène om hen te fotograferen maar tegelijkertijd ook over het besef dat de herhaling van steeds dezelfde beelden op de duur hun effect verliest. We worden gevoelloos, onverschillig ervoor.

“If you write keep the door closed, but if you rewrite open the door.”

Zelfs een label kan je gesprek met iemand al sluiten, zegt Alicja. Over de grote onderwerpen mag er dan nog veel gemeenschappelijke grond zijn, en in bepaalde kringen noemt iedereen zichzelf open-minded, maar laat ons eerlijk zijn: met hoeveel mensen praten wij nog die een andere levensovertuiging hebben dan de onze? Hoeveel boeken lees je nog over onderwerpen die ver van je af staan? Hoe kunnen we dan oprecht zeggen dat we nog leven, denken en leren in een democratische context?

Vrouwen in duistere tijden, een boekvoorstelling

Volgende maand, volgend jaar, nieuw boek, zelfde schrijfster, andere gesprekspartners: op 15 januari 2026 organiseerde het Humanistisch Verbond in samenwerking met Liberas en boekhandel Limerick een sterk gesmaakte boekvoorstelling.

Uit zeer betrouwbare bron mochten we vernemen dat het secretariaat van het Humanistisch Verbond werkelijk overspoeld werd met inschrijvingen in zoverre dat de zaalcapaciteit van 220 ver werd overschreden. Een replay is dus in de maak voor allen die te laat inschreven.

Ik probeer dus ook in dit verslag nog niet het hele verhaal weg te geven, al denk ik niet dat Alicja tweemaal exact hetzelfde gesprek zou kunnen voeren, en besef ik ondertussen ook dat je over dit boek nog lang niet uitgepraat bent na één lezing, maar toch.

Op deze avond is Tinneke Beeckman moderator en Christophe Busch gesprekspartner.

Tinneke Beeckman is niet alleen een vakgenote van Alicja maar ook bekend om haar urgente analyses van actuele gebeurtenissen. In die zin is zij, naast Alicja, zeker één van de denkende en schrijvende vrouwen uit de 21e eeuw.

Christophe Busch is criminoloog van opleiding maar genoegzaam bekend als expert in het “kwade” zouden we bijna kunnen zeggen. Hij specialiseerde zich in daderschap bij collectief geweld en in de evoluerende beeldvorming over de concentratiekampen. Als huidig directeur van het Hannah Arendt- instituut staat hij ook dichtbij 1 van Alicja’s 10 vrouwen, misschien wel de meest bekende uit het rijtje.

Hannah Arendt, nu geliefd maar toen verguisd?

De laatste jaren wordt er heel vaak gegrepen naar boeken van Hannah Arendt, wat niet vreemd is aan de “herhaling van duistere tijden” die we nu doormaken. Mensen proberen bij Hannah Arendt antwoorden te vinden die ons iets kunnen leren over de situatie van nu. Dat is ook precies de reden waarom Alicja “Vrouwen in duistere tijden” schreef. Ze hoopt dat wij als lezers net als zij, ons laten inspireren door deze moedige vrouwen. Hannah Arendt schreef al in 1968 “Men in dark times” wat eigenlijk een soortgelijke opbouw kent als het werk van Alicja. In dit boek verzamelde Hannah Arendt essays over “personen” (ook Rosa Luxemburg en Simone Weil kwamen aan bod, naast acht mannen) die in de vroege jaren van de 20e eeuw tekenen van hoop brachten in tijden van oorlog en geweld.

Maar, zegt Christophe Busch, we mogen niet vergeten dat Hannah Arendt tijdens haar leven verguisd werd en verbannen, vervolgd en zwaar bekrititiseerd. Dat zij desondanks bleef schrijven en getuigen van wat zij zag gebeuren is een teken van moed, hoop, een zeker “je m’en foutisme”, inspiratie, er voor gaan, all the way.

“Als het kwade in elke mens zit, dan ook het goede”

Dit schrijft Alicja in de inleiding van haar lijvige boek (430 pagina’s). Net als Hannah Arendt in “Men in dark times” mensen portretteert die zij bewonderde om hun menselijkheid, omdat ze bronnen van hoop en licht waren, koos Alicja ervoor om 10 vrouwen te portretteren die allemaal het kwaad in de ogen hebben gekeken en daar met hun eigen leven een hoogst individueel en krachtig antwoord op hebben gegeven. Daarnaast zijn het ook vrouwen die belangrijk zijn geweest voor de ontwikkeling van Alicja als filosofe.

Als mens heeft Alicja gekozen voor vrouwen die op één of andere manier iets met haar delen. Als filosofe heeft ze gekozen voor een verscheidenheid van vrouwelijke perspectieven omdat ze ervan overtuigd is dat “het filosofische zoeken maar zinvol kan zijn in een veelheid aan perspectieven.

Tinneke Beeckman merkt op dat vele van de vrouwen in dit boek Joodse roots delen en dat er ook opmerkelijke hoofdstukken rond God en bijzondere passages over ontferming te lezen zijn. Wat betekent dit voor Alicja?

De auteur antwoordt dat het Joodse volk in de 20e eeuw bij uitstek het opgejaagde en vervolgde volk was en dat het niet vreemd is dat velen van hen de behoefte voelden dit te documenteren.

Ook zegt ze dat er geen klassiek godsbeeld in het boek naar voren komt maar dat het wel zo is dat voor bijna alle 20eeeuwse filosofen god iemand of iets was waartegenover een filosoof zich diende te verhouden. Je moet niet zelf gelovig zijn om je te kunnen uitspreken over of een bijdrage te leveren aan het godsvraagstuk.

De avond eindigde met de “tien geboden die van de wereld een betere plek zouden maken indien meer mensen ze eerbiedigden. Durf te twijfelen. Denk voor jezelf. Keer je niet af van anderen. Wees een goede vriend voor goede mensen. Geloof in je eigen handelingsvermogen. Behoud de hoop. Beteugel het kwaad. Bestrijd het onrecht. Maak werk van je vrijheid en van die van anderen. En vooral: leef! Leef volgens en voor je overtuigingen.”

Voor jou bijeengesprokkeld door Lut Vael.
Foto cop. https://gescinska.com/.