Het vertrek(punt) van Julian Barnes - Barnes in De Bijloke
Op 20 april 2026 mag Gent een bijzondere gast verwelkomen: de literaire grootmeester Julian Barnes. Muziekcentrum De Bijloke organiseert een literaire en muzikale avond rond zijn oeuvre en schrijverschap. Gent Leest-redacteur Esther De Reys weet een ticket te scoren en zorgt voor verslag.
Het is een sprookjesachtige setting die een topauteur als Julian Barnes waard is. De grote concertzaal van De Bijloke vult zich mondjesmaat in afwachting van de Engelse auteur en zijn interviewer Annelies Beck. Rugzakken zijn niet toegelaten en mijn telefoon slaagt er niet in een geluidsopname te maken, dus moet mijn verslag enkel op basis van herinnering samengesteld worden. Gelukkig is de avond zo memorabel dat dat geen probleem hoeft te vormen.
De Bijloke heeft een gevarieerd programma samengesteld dat de toeschouwer ontegensprekelijk geboeid weet te houden. An Evening With Julian Barnes is niet gewoon een auteursgesprek, maar een hommage aan de auteur en zijn oeuvre. Het heen-en-weer tussen Beck en Barnes wordt ten gepasten tijde afgewisseld met enerzijds muzikale intermezzo’s door Florestan Bataillie (piano), Ludovic Bataillie (viool), Frans Grapperhaus (cello) en Emma Posman (sopraan) en anderzijds bespiegelingen over zijn oeuvre door professor Jean Paul Van Bendeghem en artistiek directeur van Ontroerend Goed Alexander Devriendt.
Voorafgaand aan het gesprek heeft Julian Barnes mogen genieten van een kunstzinnige namiddag. Hij bezocht het MSK en mocht de restauratie van het Lam Gods gaan bekijken, waar hij naar eigen zeggen niet impressed, maar extra impressed over was. De gesprekken met de restaurateur over reversibiliteit in de schilderkunst brachten hem terug naar het schrijven van een eerder werk. En zo is de toon meteen gezet. In het gesprek wordt teruggeblikt op de vijftien fenomenale werken die Barnes in zijn carrière geproduceerd heeft, maar tegelijkertijd vraagt Annelies Beck de auteur ook de oren van het lijf over de toekomst: wie zijn biografie zou kunnen schrijven, hoe hij naar de wereld kijkt, wat hem vandaag de dag bezighoudt en of hij meer van koken dan van afwassen houdt.
Maar vooral gaat het over zijn schrijverschap. Voor Barnes is “schrijven een manier om de wereld te begrijpen.” Hij creëert verhalen om te weten hoe de werkelijkheid in elkaar zit. Vorm en inhoud hangen daarbij voor hem samen: “De inhoud bestaat niet zonder vorm
en de vorm bestaat niet zonder inhoud.” Een goed conceptueel idee werkt alleen wanneer je er ook de juiste vorm voor vindt. Voor Barnes gebeurt dat proces vooral organisch: “Er zijn auteurs die alles op voorhand uitplannen. John Irving staat er bijvoorbeeld om bekend dat hij eerst het einde van zijn roman schrijft en dan pas de rest van het boek. Voor mij werkt dat niet. Ik wil helemaal nog niet weten hoe mijn boek gaat eindigen.”
Het schrijven van fictie betekent natuurlijk dat hij verzint en in zekere zin dus liegt. “Mijn broer schrijft eerder filosofische commentaren van 4000 bladzijden. Dan ben ik verbaasd dat mensen mij serieus nemen met mijn verzonnen verhalen,” grapt Barnes dan. Maar hij wordt juist serieus genomen omdat zijn verzinsels zo eloquent en vernuftig zijn dat we hem zijn leugens vergeven, stelt Jean Paul Van Bendegem in zijn voordracht, zowat halverwege de avond.
Geen van Barnes’ verhalen is waargebeurd, al mengen fictie en feit zich wel eens in zijn werken. Het veelbesproken Levels of Life (Hoogteverschillen in het Nederlands) handelt over de dood van zijn vrouw Pat Kavanagh. In het werk beschrijft hij deze episode als “The universe doing its stuff”. Mensen geloven vaak dat het hun fout is wanneer hen iets slechts overkomt, maar uiteindelijk is gebeuren dingen gewoon, verklaart Barnes. “Ik vond het opmerkelijk dat mensen me na het lezen van het boek kwamen zeggen dat ze niet wisten dat ze boos mochten zijn wanneer hun partner overleed.” Het werk heeft dus een enorme impact nagelaten op de lezers ervan. Alexander Devriendt, die kort een fragment mag voorlezen uit Barnes’ laatste boek Vertrek(punt), durft Levels of Life niet te citeren uit “angst dat hij te lang in tranen zal uitbarsten en hij heeft maar vijf minuten”.
Uit de speeches van Jean Paul Van Bendegem, Alexander Devriendt, maar ook van de organisatoren van de Bijloke zelf, blijkt keer op keer hoeveel fans Barnes in de zaal heeft. Van Bendegem vergelijkt het taalgebruik en de schrijfkunst van Barnes zelfs met het bespelen van een Stradivarius. Barnes moet daar tijdens de voordracht om grinniken en zegt nog nooit te zijn vergeleken met een viool van topklasse. Hij is tevreden met de vergelijking, “zeker na het horen van de ongelooflijke muzikanten die we vanavond op het podium hebben.” We zien hem steeds aandachtig luisteren naar de stukken van Berlioz en Sjostakovitsj die voor hem
opgevoerd worden en uiteindelijk vertrouwt hij het publiek toe dat van alle kunsten muziek waarschijnlijk de meest verheven is: “Omdat het zo abstract is en omdat het zo gemakkelijk grenzen overschrijdt”.
Barnes, intussen tachtig jaar oud is, blijft kwiek, grappig en onvermoeibaar tijdens het gesprek. Hij beantwoordt zonder zijn wenkbrauwen op te trekken de korte dilemma’s die Annelies Beck hem voorschotelt: zo weten we dat hij koken prefereert boven afwassen en dat hij niet kan kiezen tussen “food or sex”. Een miscommunicatie doet hem “sex with fruit” antwoorden op die vraag.
De avond vliegt voorbij. Voor ik het weet zijn er vier muziekstukken de revue gepasseerd en is Barnes als laatste aan het woord. Hij leest de allerlaatste bladzijde van wat hij zelf zijn allerlaatste boek noemt, hoewel niemand dat lijkt te (willen) geloven. Hij richt zich met deze laatste bladzijde aan de lezer, aan ons dus, wij die met open mond hebben zitten luisteren naar zijn taalkennis en schrijfkunde, zijn humoristische, maar aandachtige kijk op de wereld, zijn universele en rake bespiegelingen over het universum dat “gewoon zijn ding doet”.
We hopen met z’n allen dat Vertrek(punt) inderdaad zijn laatste boek niet is en dat het volgende dan toch maar Sorry, I was just kidding zal heten. In afwachting zullen we dan gewoon maar zijn bestaande oeuvre herlezen.
Esther De Reys