Interview met Ingrid Verhelst - ‘ 2084’

15 juni 2026

Redacteur Christel Van Renterghem interviewde auteur Ingrid Verhelst.
Christel schrijft: 'Ingrid heeft een nieuw boek uit met als titel ‘2084’. Bij mij doet dit direct een belletje rinkelen. In 1949 publiceerde George Orwell de dystopische toekomstroman ‘ 1984’. Hij schreef over een toekomstige totalitaire staat. Nu zovele jaren later schrijft Ingrid over onze toekomst, die dezelfde weg van totalitarisme dreigt op te gaan door de huidige geopolitiek van de beleidsmakers. Is zij even visionair als George Orwell?'

De laatste jaren zijn er al een aantal schrijvers die dystopische boeken geschreven hebben, zoals Steven Vromman met ‘Amor Mundi’, Margaret Atwood met ‘ Het verhaal van de dienstmaagd’, Juli Zeh met ‘ Corpus Delicti’. Nog een verhaal dat de lezer een donkere toekomst voorspelt. Waarin verschilt jouw boek van de anderen?
Ik denk dat ik de toestand dichter bij huis houd. Ik ben vertrokken van mijn kleinzoon van 17 jaar. Hij zal in 2084 76 jaar zijn. Het personage Olivier is mijn kleinzoon zoals hij dan zal zijn. Ik ben zeker een jaar bezig geweest met research over het eten, de ecologie en de wetenschap in de toekomst. Jonge lezers zullen het jaar 2084 nog kunnen meemaken. Ik wilde dus over een realistische toekomst schrijven en ook rekening houden met het feit dat de mensen opnieuw moeten beginnen bij grote politieke kenteringen en rampen. Voor het jonge volk zal dat normaal zijn. Olivier, dan 76 jaar, heeft nog de ‘normale tijd’ meegemaakt, maar Kenny die nog jong is, vindt alles gewoon. Deze tweespalt vond ik een uitdaging. In veel dystopische toekomstromans lijkt de situatie voor iedereen normaal, maar dat kan niet. Veel zaken die voor 30-jarigen normaal zijn, voelen voor mij als oudere abnormaal.
Ik ben momenteel met een blog ‘ levenstrein’ bezig. en probeer deze 2 maal per week te posten. Ik ben begonnen in 1955 en zit nu in 1975. De politieke gebeurtenissen en grote kenteringen zoek ik op en voor de rest baseer ik mij op mijn geheugen en de foto’s van vroeger. Ik schrik er zelf van hoe simpel het leven in de jaren zeventig was in vergelijking met nu. Wat een groot verschil!

Hoe ben je ertoe gekomen om het boek te schrijven?
De aanleiding voor het boek was een gesprek op de bus met een gast van 17 jaar, een leerling schrijnwerker. Ik vroeg hem waar ik moest afstappen en hij zei dat het zijn halte was. Hij vroeg waar ik naartoe moest en wilde met mij meelopen, want het begon al wat donker te worden. Voor een manneke van 17

2084

was hij heel galant. Hij vroeg wat ik in de bibliotheek kwam doen. Ik vertelde het hem. Maar hij vroeg plots of ik kon koken en of ik bonen kon laten groeien. Ik zei tweemaal ja. Hij zei daarop dat hij liever in mijn tijd geboren was, want zij leerden niets meer. Hij studeerde voor schrijnwerker, omdat zijn grootvader meubelmaker geweest was, en hij was jaloers op zijn opa, omdat deze van een boom een kast kon maken. Terwijl hijzelf niets anders moest doen dan achter een computer zitten en cijfers invullen. Telkens als de computer uitvalt kon hij niets. Hij wou al zo oud zijn als ik. Ik vond zijn opmerkingen interessant en heb een paar middelbare scholen gecontacteerd om te gaan praten met de laatstejaars. Ik schrok van wat ik hoorde. Ik had me voorbereid met vragen over innovaties, hun idee hoe de wereld zou evolueren. Ik kreeg heel straffe negatieve vooruitzichten. Ik had beloofd dat ik met de goeie dingen aan de slag zou gaan. En dat heb ik ook gedaan.

Het woord vooraf is weinig optimistisch en doet mijn hart een slag overslaan.
Zie jij alles zo donker in?
Na een jaar research had ik al een idee hoe de wetenschap ging evolueren, hoe mensen gingen wonen, hoe het werk zou evolueren. Het duurde lang vooraleer mijn eerste versie klaar was, want ik had nog nooit een alleswetend verhaal geschreven Toen AI goed op poten stond, heb ik hem het opzoekingswerk ook laten doen. AI kwam bijna tot dezelfde conclusie als ik. Ik had mijn werk dus goed gedaan. Maar hij stelde mij ook allerlei dingen voor, bijvoorbeeld de politieke evolutie. Toen ben ik opnieuw begonnen, want de situatie was ondertussen op heel wat vlakken veel grimmiger geworden.

Ingrid Verhelst 1

De cover is het raampje van een treinwagon. Maar wat zien we? Wat wil het zeggen over de inhoud van het boek?
Dat was voor mij een voorbijrijdend geschenk. Ik stond op Dampoort Station en er kwam een trein volledig onder de graffiti. Ik heb de foto dus zelf getrokken. In de treinraampjes zag je de weerspiegeling van buiten, een stuk achter Dampoort station.
Het ene stuk heb ik gelaten zoals het was. Het stuk waarin de Heilig Hartkerk weerspiegeld werd, is door een vriend vervangen door futuristische bouwwerken. De trein betekent voor mij het samen komen van twee werelden, die van nu en die van 2084.

Het verhaal op zich vind ik heel spannend en doet mij verder lezen. Kan je in het kort iets vertellen over de inhoud?
President Dikkop staat op het punt om de Randen en het volgens hem ratachtig volk dat er woont, te elimineren. Volkers, een van zijn ambtenaren, kan daar niet mee om.
Hij komt in zijn eentje in opstand en brengt daarbij onbewust de president op een idee.
Hij vraagt Volkers een wedkamp te organiseren waarbij alle districten mogen meedoen. Normaal mogen de bewoners van de verschillende districten nooit met elkaar in contact komen. Als het experiment lukt mogen de Ratten blijven wonen in de Randen. Maar de president is niet van plan om hen te laten leven. Hij zet alles op alles om het spel te saboteren en voor iedereen duidelijk te maken dat de Ratten moeten geëlimineerd worden.

In welk land speelt het verhaal zich af? Refereert Neostaat naar een bestaand land?
Als je de kaart binnenin bekijkt, zie je dat het de kaart van de Benelux is. Maar ik wilde het niet zo benoemen. Ik heb door AI een simulatie laten maken met een stijging van de waterspiegel met zeven meter. Het resultaat is veel water erbij. De Dodenzee heb ik zo genoemd, omdat die vol ligt met skeletten.

Wat is volgens jou de oplossing om het tij te doen keren?
Het einde van het boek is open. Ik heb mijn idee, de lezer mag zijn eigen idee hebben.
Trump zou vrijwel zeker op de knop drukken. Volgens mij is het tegengif menselijkheid en samenwerking. Het is niet moeilijk om mensen menselijk te laten zijn op kleine schaal. Ik woon in een klein straatje waar de mensen elkaar kennen en dingen samen doen. Samenwerken wanneer de mensen iets moeten inleveren ligt moeilijker, waardoor onze vrijheid onder druk ligt.

Ingrid, hartelijk dank voor dit fijne gesprek over onze toekomst. Ik hoop dat die minder zwart wordt dan jij die voorstelt, en dat de mensen opteren voor verbinding en samenwerking.

Christel Van Renterghem
Foto's cop. Ingrid Verhelst