Is moederschap monsterlijk?

26 maart 2026

Die vraag proberen auteurs Lieselot Mariën en Jozefien Van Beek op hun eigen manier te beantwoorden. Beide auteurs brachten in 2025 een boek uit over moederschap: Mariën schreef de roman Als de dieren en Van Beek publiceerde recent Monsterlijk moederschap. Op 19 maart 2026 gingen ze in gesprek onder begeleiding van Amber Maes. Redacteur Esther was aanwezig.

Boekhandel Limerick is een klein en gezellig plaatsje aan het station van Gent-Sint-Pieters. Er is ruimte voor ongeveer twintig personen. Twintig paar ogen kijken vol verwachting naar de drie hoge stoelen waarop de auteurs en moderator zullen plaatsnemen om het gesprek aan te vangen. Maes grapt aanvankelijk dat iedereen in de zaal Als de dieren en Monsterlijk moederschap waarschijnlijk al gelezen heeft, maar dat ze de boeken toch toch graag een introductie geeft.

Beide werken gaan over de moeilijke kanten van het moederschap. Lieselot Mariën schreef een straf staaltje fictie over een moeder die worstelt met zichzelf na het moeder worden, Jozefien Van Beek onderzoekt wat sommige moeders monsterlijk maakt. De introductie in de boeken opent meteen de discussie rond de hamvraag: is moederschap dan monsterlijk?

Wat is moederschap?

Volgens Van Beek en Mariën is moederschap in se iets dat constant fluctueert. Het gevoel waar je ’s ochtends mee opstaat is heel vaak niet hetzelfde als het gevoel waarmee je gaat slapen. Het moederschap verandert zelf en het verandert jou. Die transformatie is erg zichtbaar in Als de dieren, waarin het hoofdpersonage zich letterlijk afsplitst van zichzelf: ze neemt haar eigen transformatie waar. Van Beek nuanceert die onherroepelijke andersheid van moeders. ‘Ik voelde me wel nog steeds dezelfde persoon,’ zegt ze. ‘Ik had vooral een ander beeld van het moederschap dan ik op voorhand gedacht had.’

Het is een uitspraak die andere moeders ongetwijfeld herkenbaar vinden. Bij het moederschap komt een bepaald, welomlijnd beeld kijken. Een moeder is zorgend en veilig. Dat maakt haar ook een interessant figuur voor horrorfilms, het genre waar Van Beek grote fan van is en waar ze uitvoerig over schrijft in Monsterlijk moederschap. In horrorverhalen is het beeld van de monsterlijke moeder extra sterk omdat ze het idee geeft dat iets wat veilig lijkt te zijn - een moeder staat in se gelijk aan veiligheid - dat uiteindelijk niet meer is.

Wie niet in het traditionele plaatje van de moeder past, krijgt het moeilijk. Toch zijn er in film en literatuur tal van voorbeelden van moeders die niet onmiddellijk in de roze wolk terechtkomen. Deze voorbeelden noemt Van Beek ‘waarschuwingen’. Zo is er Miranda July, die het onophoudelijk proces van voeden, luiers verschonen en constant slaaptekort als een hersenspoeling benoemt: door het moederen blijft er niets meer van jezelf over, je blijft alleen maar moeder. Lieselot Mariën herkent die hersenspoelende ervaring dan weer niet. Voor haar ging het moederschap gepaard met een totale implosie, en vervolgens een langzame reconstructie van het eigen zelf. Die uitspraak maakt de zaal muisstil.

De ervaringen van Van Beek en Mariën zijn daardoor inherent anders, maar wat ze wel allebei beamen is dat het moederschap iets grensoverschrijdend is. Het is een tussenvorm en wordt daardoor vaak abject. Mariën vindt moeder worden een absoluut biologische en dierlijke ervaring, het maakte haar heel verbonden met de natuur. Moederdieren hebben een instinct om moeder te zijn, maar wanneer je dat instinct niet (meteen) voelt, roept het onvermijdelijk de vraag op waar het gebleven is. Als de dieren onderzoekt de vraag hoe het instinct dan bij andere dierlijke moeders zit. Een voorbeeld zijn de octopussen die zichzelf doden van zodra ze eitjes gelegd hebben. Zo overleeft geen enkele octopusmoeder haar eigen jong.

Monsterlijk moederschap?

Het transformatieve karakter van moeder worden is wat in horror zo boeiend wordt. Van Beek haalt de voorbeelden van Nightbitch en Alien aan, twee horrorverhalen waar transformatie een essentieel element is voor het verhaal. Alien speelt met het idee van zwangerschap en bevalling: daar worden ruimtevaarders als het ware geïnjecteerd met embryo’s van een alien, die vervolgens ook weer uit de mensenlichamen uitbreken (een letterlijke bevalling). Die grensoverschrijdende ervaring van het ene lichaam dat uit het andere komt ervaren we als abject en soms als gruwelijk, waardoor het in horrorfilms (zeker wanneer mannen ook plots ‘slachtoffer’ kunnen worden van een bevruchting en bevalling) goed werkt.

Bevallen op het scherm is overigens iets dat pas in 1968 ontstond. Die kentering valt samen met het ontstaan van de echo: ook de foetus mocht plots op beeld getoond worden. Dat maakt de moeder na het sublieme symbool van veiligheid plots iemand die gevaarlijk kan zijn voor de foetus. De loskoppeling tussen baby en moeder maakt dat de moeder een stap in de coulissen zet: zij is nu in essentie de container van het kind, iemand die vooral bestaat omwille van het voortbestaan van het kind.

Horror werkt vaak met het trope van de moeder die haar kind schaadt en verpest. Monsterlijke vrouwen in horrorfilms zijn bijna altijd moeders, monsterlijke mannen zijn nooit vaders, maar juist zonen van monsterlijke moeders. We kennen die monsterlijke moeder in verschillende vormen. Ze kan beknottend zijn, verwaarlozend, seksueel actief, ze kan het moederschap afwijzen. De ergste vorm van monsterlijk moederschap is uiteindelijk de afwezige moeder. Een moeder die er niet is voor haar kind, is het summum van monsterlijkheid.

Zowel Lieselot Mariën als Jozefien Van Beek schrijven over wat de maatschappij ziet als een monsterlijke moeder: één die het moeilijk heeft met het moederschap en die daardoor op een bepaalde manier afwezig wordt. Zij worden gezien als “slechte moeders”. Dat is jammer, vinden beide auteurs. Met hun boeken willen ze een soort signaalfunctie geven. Ze willen aantonen dat wat vele jonge moeders voelen normaal is: de postpartumperiode is niet gemakkelijk. Hier moet aandacht voor zijn, zonder het te veel te culpabiliseren of te medicaliseren.

Willen we dan nog wel kinderen?

Het gesprek stikt van de moeilijke vragen. Vaak vallen de auteurs even stil wanneer ze moeten nadenken over het antwoord dat ze willen geven. Ook de vraag waar een kinderwens dan vandaan komt, is moeilijk te beantwoorden. Willen we wel kinderen als ze het leven zodanig op z’n kop zetten?

‘Als we rationeel zijn, is het antwoord nee,’ stelt Jozefien Van Beek. ‘We denken er misschien gewoon niet genoeg over na.’ Eerder dan naar kinderen, verlangde Van Beek misschien naar het idee van moederschap. Het was een nieuwsgierigheid naar het moeder zijn: je wil weten hoe dat voelt, hoe dat is.

Mariën stelt zich dan weer de vraag wat willen juist is. Voor sommige vrouwen is de kinderwens erg lichamelijk, voor andere is het juist een heel rationeel en intellectueel verlangen. Het fysieke aspect speelt bij vrouwen sowieso een rol: na een tijd is je tijd letterlijk op (het tikkende-klok-principe). Dan kan het verlangen nog steeds rationeel zijn, maar speelt het lichamelijke ook een grote rol: je krijgt het idee dat als je het nu niet doet, het te laat zal zijn. Mariën concludeert: ’Waar de wens ook vandaan komt, uiteindelijk wagen mensen gewoon de sprong.’

Vijftig tinten roze wolk

Het gesprek tussen beide auteurs kreeg de naam ‘Vijftig tinten roze wolk’ om aan te geven dat er heel verschillende ervaringen zijn bij het krijgen van kinderen. De auteurs trekken hun wenkbrauwen op bij het horen van de naam, maar doorheen het gesprek blijkt wel dat het moederschap gaat over heel verscheidene ervaringen. Er zijn misschien geen vijftig, maar wel honderden tinten binnen het moederschap. Het heeft monsterlijke facetten, maar is ook doorspekte van liefde. Als de dieren vertelt daarom ook bewust het verhaal vanuit de jij-vorm. Mariën wil daarmee de verbinding tussen moeder en kind terug zoeken. En via het jij-perspectief, richt ze zich misschien ook tot jou, de lezer, om te begrijpen hoe caleidoscopisch het moederschap wel is.

Leestips van Lieselot Mariën en Jozefien Van Beek

De auteurs gaven tijdens het hele gesprek constant interessante leestips. Ben je nog niet uitgelezen over moederschap? Hieronder vind je enkele tips.

  • Nightbitch van Rachel Yoder
  • Baas in eigen buik van Rodante van der Waal
  • Matrescence van Lucy Jones
  • Radeloze helden van Maaike Meijer
  • All Fours van Miranda July

Esther De Reys
Foto cop. Esther De Reys