Liefde in tijden van verval
Een boek over een liefdesrelatie tussen een 19-jarig meisje en een 34 jaar oudere, getrouwde man verwacht je in de stationskiosk. Maar Katharina en Hans, de protagonisten van het verhaal, slepen je mee in een verhaal dat liefde probeert uit te splitsen in een spel van macht, obsessie en vernietiging. Die liefde wordt tegen het licht gehouden in de eindjaren van de voormalige DDR. Hans is in het begin een leermeester, die zijn leeftijdsvoorsprong gebruikt om Katharina allerhande dingen te leren over muziek, literatuur en politiek. Erpenbeck doet de lezer pijn door dikwijls subtiel het contrast aan te geven tussen de jonge, frisse Katharina en de kettingrokende Hans met zijn gele vingers. Ik had dikwijls hetzelfde gevoel als bij Birkin-Gainsbourg. Dat Hans getrouwd is, vindt hij niet erg. ‘De ene liefde staat de andere niet in de weg.’
Gaandeweg wordt alles complexer. Katharina heeft vriendjes en Ingrid, de vrouw van Hans, ontdekt de affaire. Toch zal Katharina Hans en zijn familie volgen tijdens hun vakantie aan de Oostzee en op een paar honderd meter van hen op het strand plaatsnemen. ’s Avonds zien ze mekaar dan stiekem voor steelse liefde. Hans, die weet dat de relatie utopisch is, wordt jaloers en probeert bezit te nemen van Katahrina’s hoofd en gevoelens. De relatie wordt een paar maal verbroken en weer gelijmd.
Erpenbecks virtuositeit maakt van de pijnlijke passages met haar zinnen heel dikwijls iets harmonieus. Soms choqueert ze door onverwacht, echt uit het niets, een korte seksscène te beschrijven.
Als dochter en kleindochter van communistische ouders en grootouders, geeft ze je ook een rit doorheen de recente Duits-Duitse geschiedenis. Brecht, Christa Wolf, Stasi, Bergen-Belsen, Magda Goebbels, Treuhand, Kant… om maar een paar namen te laten vallen.
Ik wil iedereen die nog Berlijn ten tijde van de muur heeft gezien de volgende zin vrij vertaald aanbieden: ‘Terwijl ze over het rooster van een ventilatieschacht liep, hoorde ze het geratel van de West-Berlijnse metro onder haar voeten, ze voelde wellicht zelfs de tocht uit de schacht opstijgen, die zich vermengde met het socialistische weer.’
Synopsis
Een jonge vrouw en een 34 jaar oudere, getrouwde man ontmoeten elkaar in Oost-Berlijn in 1986 en krijgen een intense relatie. Maar als zij haar eigen weg begint te gaan, ontwikkelt hij een agressie jegens haar die sadistische en paranoïde trekken vertoont.