Boekvoorstelling 'Dodeman' van Uschi Cop in rokko

13 augustus 2026

Gent Leest-redacteur Hanne ging op 24 juli luisteren naar Uschi Cop over haar debuutroman Dodeman. Het boek gaat over de eeneiige tweeling Ursula en Ise en bevat drie parallelle verhaallijnen. Ursula zat in verschillende feministische collectieven terwijl Ise zich gesetteld heeft met huisje, tuintje, kindje. Na elkaar twintig jaar niet gezien te hebben, ontmoeten ze elkaar opnieuw in hun ouderlijk huis waar Ursula ondertussen woont. Wat is er de afgelopen twintig jaar gebeurd?

Het interview vond plaats in rokko, de feministische boekenwinkel/bar. Een ideale plek om over dit boek te praten! Het interview werd afgenomen door Mischa. In het begin van het interview ging het over het fenomeen dat bij vrouwelijke debutanten al snel door critici en co wordt gezegd dat hun boek autofictioneel is. Daar wou Uschi Cop mee spelen en het zich ook deels toe-eigenen. Het is dan ook geen toeval dat Ursula vaak wordt afgekort tot Uschi, in Duitsland bijvoorbeeld. De gebeurtenissen in Dodeman zijn niet per se waar, maar wel waardevol. Cop haalt aan dat we meer moeten durven verhalen te vertellen om een diepere betekenis aan te halen, ook in het dagelijkse leven.

Vervolgens kwam het gesprek op de dialogen binnen het fictieve feministische collectief. Cop had deze stukken bewust essayistisch geschreven. Ze wou spelen met dialoog, een soort theater opvoeren en ideeën laten botsen. De namen van de personages verwijzen naar bekende feministen, in verschillende tijdsperiodes: Bell (bell hooks), Gloria (Gloria Wekker of Gloria Steinem), Nawal (Nawal El Saadawi)… Doorheen de dialogen belicht Cop de diversiteit in het feminisme en kruispuntdenken, maar toont ze ook aan dat er steeds conflict is en was in feministische collectieven. Dit fictieve collectief is dan ook geen voorbeeld van hoe het móét gebeuren, maar toont juist dit conflict, hoe het verkeerd kan lopen, hoe mensen kunnen vertrekken omdat ze het niet meer eens zijn, of wanneer dingen gebeuren in de naam van het collectief zonder dat iedereen daarmee akkoord is. Aan de andere kant kunnen wrijving en discussie juist leiden tot groei en nieuwe ideeën. Het is dan ook zeer moeilijk om te weten hoe je het goed kunt doen en hoe je leiderschap kunt organiseren. Ook bij horizontaal leiderschap gaat het vaak mis. Met het noemen van de namen en verscheidene ideeën wilde Cop tegengaan dat vrouwen en hun ideeën worden vergeten. Het is belangrijk om te weten wat ons is voorgegaan, want helaas worden feministische ideeën in elke generatie ‘herontdekt’ in plaats van dat dit parate kennis is die ons wordt aangeleerd. Dit zorgt ervoor dat het langer duurt om erop voort te bouwen.

Parallel hiermee worden ook veel vrouwelijke auteurs vergeten. Ze zijn een bepaalde periode populair, maar dan worden ze vergeten en – hopelijk – later opnieuw ontdekt door nieuwe lezers. (Denk maar aan Andreas Burnier en Virginie Loveling.) Daarom is de diversiteit van de canon ook belangrijk. Schrijvers die moeten vechten tegen de gevestigde orde schrijven anders; ze schrijven schurend, terwijl cis-hetero mannen schrijven vanuit zichzelf en vanuit een bepaalde literaire traditie. Als er minder van je verwacht wordt kun je ook gemakkelijker buiten de lijntjes kleuren.

Het boek wordt vaak feministisch genoemd – wat het ook is –, maar Cop vertelde dat ze eerst het verhaal rond de tweeling Ursula en Ise had voordat daar het feministische collectief bij kwam kijken. Ze heeft het boek dus niet geschreven met de insteek om een

Dodeman 002

‘feministisch boek’ te schrijven. Cop haalt in haar boek de namen aan van vrouwen die door femicide zijn vermoord; vermoord omdat ze een vrouw zijn. Sommige namen worden in het verhaal verweven, maar ze pasten er niet allemaal in (het boek heeft 431 pagina’s). Het boek geeft deze vrouwen dus ook een naam, zodat er voorbij wordt gegaan aan enkel statistieken.

Ze hadden het ook over schrijftechnieken zoals tonen en vertellen (showing versus telling) en de plaats van de ruimte. Tonen en vertellen zijn termen die iets zeggen over hoe iets wordt verteld. Zien we het verhaal door de ogen van de personages of komt er een verteller bij kijken die hun versie van de feiten vertelt? Cop wou hierin een goed evenwicht. Het verhaal speelt zich volledig in het huis af, in verschillende tijdsperiodes en met een belangrijke rol voor de tuin. De natuur werd zowel gebruikt als voorteken als om het plot vooruit te duwen. Het huis (en de planten in de tuin) kan gezien worden als safe space, maar ook als gevaarlijke plek; parallel met hoe femicide vaak intiem gebeurt, door een dader die de vrouw goed kent. Cop haalde aan dat de natuur geen moraal heeft, maar er gewoon is, dus het heeft geen zin om iets ‘natuurlijk’ te noemen.

Als schrijver heeft ze veel onderzoek gedaan voor haar roman en heeft daardoor ook haar eigen gedachten verbreed en haar blinde vlekken kleiner kunnen maken. Ze schrijft ook over personages van kleur, die ze er zeker in wou, en ze heeft geprobeerd dit zo goed mogelijk te doen.

Ten slotte vroeg Mischa nog of ze al met iets nieuws bezig was. En ja hoor, haar nieuwe roman zal gaan over het einde der tijden, het einde van de mensheid, met een vleugje magisch realisme. Ik ben er alvast heel benieuwd naar!

Hanne Puype