Oorlog en literatuur: over schrijverschap en activisme

26 mei 2026

Op dinsdag 19 mei was er een literaire gespreksavond met Stefan Hertmans, Alicja Gescinska, Charlotte van den Broeck, Peter Vermeersch en een muzikale kadering door Osama Abdulrasol. De avond was georganiseerd door PEN Vlaanderen en de UGent. Het was het slotevenement van Stefan Hertmans als writer in residence aan de faculteit Letteren en Wijsbegeerte van de UGent. Redacteur Hanne Puype ging met veel interesse luisteren.

De avond begon met een introductie door de decaan van de faculteit Letteren en Wijsbegeerte, Gita Deneckere. Stefan Hertmans neemt steeds een lege stoel mee wanneer hij ergens over literatuur gaat praten, een initiatief van PEN Vlaanderen. In zijn geval is het de Belarussische schrijver Ales Bialiatski. Na het prachtige spel van Osama Abdulrasol op zijn qanûn gingen Alicja Gescinska (voorzitter van PEN Vlaanderen) en Stefan Hertmans in gesprek. Een qanûn is een indrukwekkend Arabisch snaarinstrument. Hertmans publiceerde in 2007 een essay, Esthetica als service-club over de betekenis en vormen van engagement, maar kijkt nu anders dan toen naar de kwestie. Het gesprek ging over het gebruik

Osama oorlog en literatuur

van kunst om druk uit te oefenen en over zijn vertwijfeling of schrijven wel genoeg is in de turbulente tijden van vandaag. Victoria Amelina had bijvoorbeeld haar ‘gewone’ pen neergelegd om over de oorlog in Oekraïne te berichten.

Na opnieuw prachtige muziek sloten ook Charlotte van de Broeck en Peter Vermeersch aan. Vermeersch legde kort de situatie in Belarus uit, waar al lang een dictator (Loekasjenko) aan de macht is. PEN Vlaanderen heeft ervoor gekozen om zich te focussen op Belarussische schrijvers. Het panelgesprek ging over de democratie en hoe moeilijk het is om die terug te winnen eenmaal die weg is, over het belang en het gevaar van schrijvers in een dictatuur. Woorden, beelden en klanken kunnen veel kracht en gevolgen hebben. Maar taal kan niet alleen gebruikt maar ook misbruikt worden, bijvoorbeeld door extreem rechts.

In landen als Palestina, Oekraïne en Belarus heeft literatuur een heel andere betekenis dan in België. Dit toont aan dat de rol van literatuur afhankelijk is van de context en ook een andere verantwoordelijkheid oplegt aan de schrijver. Volgens Van den Broeck kan kunst niet los worden gezien van engagement, het is altijd een engagement met de maatschappij. Kunst kan niet worden ontkoppeld van de maatschappij en het persoonlijke is politiek. Ook in België is er gevaar voor het afglijden van de democratie en worden woorden misbruikt. Toch benoemen ze dat ook tegenstrijdigheid en meerstemmigheid mogelijk moeten blijven en hoe literatuur hierin een rol kan spelen.

‘Politiek komt en gaat, het woord blijft.’

Daarnaast kwam ook de tegenstelling tussen het collectieve en het individuele aan bod. Om kunst te maken moet je je soms afzonderen om te focussen, maar je wordt wel nog steeds beïnvloed door de maatschappij én wanneer je boek af is, dan ontmoet het ook een lezer. Je weet niet wat er met je woorden zal gebeuren. Woorden kunnen onvoorspelbaar zijn, ze kunnen gedrag in vraag stellen en iemands lens veranderen. Van den Broeck haalde het citaat van Rebecca Solnit aan: ‘Books are solitudes in which we meet.’

Het was een erg boeiende gespreksavond met stuk voor stuk interessante mensen. Het smaakte naar meer!

Hanne Puype

Foto's cop. Hanne Puype