Zacht pleidooi voor boek en bibliotheek
In een tijd waarin artificiële intelligentie onze eigen grijze massa uitdaagt en talloze boeken gedigitaliseerd en vernietigd worden, schrijft Liviane Lateur een werk dat als een pleidooi leest voor het fysieke boek. In ongeveer dertig korte stukken schrijft ze over boeken, boekenkasten en bibliotheken alsof het mensen zijn, partners van papier. Als medeplichtigen, handlangers, vrienden, wapenbroeders en raadgevers. Lateur heeft het niet alleen over het literaire, maar ook over atlassen, graphic novels en partituren. Als geen ander weet ze wat haar en ons raakt bij lezen en ze brengt naar boven wat de kracht is van gewoon een boek bekijken en vastpakken. Het werk is geïllustreerd met ‘Doeken van Boeken’ van Leen Van Bogaert, meer dan twintig gouaches en olieverfschilderijen van boeken, stillevens van boeken en bibliotheken. Het duet van tekst en schilderij straalt een ongelofelijke rust uit en is tegelijk een uitnodiging om snel in een knusse hoek in een boek te duiken.