Noten op hun zang
Beter dan Bowie, om met de deur in huis te vallen, is een huzarenstukje. Wouter Bulckaert schrijft over popmuziek met de soepele taal van de Humo-journalisten van hun gouden tijdperk gecombineerd met de wijsheid en diepgang van de journalisten van het Nederlandse muziektijdschrift Oor.
Hij voegt er door het in de vorm van een boek te doen nog een dimensie aan toe: hij heeft een stramien. (Om niet de versleten containerbegrippen 'concept' of 'project' te gebruiken.) Ieder hoofdstuk van zijn boek begint met een sfeerschetsing van het politieke landschap en het leven van alledag van de jaren zeventig in de afbrokkelende wereldmacht die Engeland toen (al niet meer) was.
Daarna komt een kort intermezzo met waar de allesoverheersende popster van de seventies, David Bowie, het idool van de auteur, toen mee bezig was. Met scoren, namelijk: muzikaal, artistiek en commercieel.
Dan volgt de kern van elk hoofdstuk: een gedetailleerde beschrijving van het gloriemoment van figuren (mannen) uit de popmuziek van de jaren zeventig, die niet van onder de schaduw van Bowie kwamen - meestal terecht - en die ondertussen grotendeels vergeten zijn. Maar niet door Bulckaert die hen hier nieuw leven inblaast.
Vervolgens heeft hij het over de neergang: waarom breken deze artiesten in de schaduw niet door? Omwille van de verleiding van het r'n'r leven - drank, drugs, omdat ze maar één troef hadden, omwille van bad timing, of omdat hun ster maar een korte tijd bleef branden. Ze hadden gewoon te weinig noten op hun zang.
Hierop aansluitend komt het meest verrassende en innovatieve element van het boek voor mij. Namelijk het antwoord op de vraag: wie hebben deze baanbrekers beïnvloed. Stuk voor stuk blijken het namelijk artiesten te zijn die een steen hebben verlegd in het muzikale landschap en hun geluid klinkt door nog vele decennia volgend op de seventies. Vanuit het andere standpunt: waar haalden Sex Pistols, Radiohead, de Britse hiphoppers en anderen hun inspiratie?
Aan het slot wordt meestal, niet altijd opnieuw afgesloten met een verwijzing naar de held van die tijd en het rolmodel, David Bowie.
Je moet al een muzikale freak zijn om de namen van de vergeten artiesten nog allemaal te kennen. Ik ben een muzikale freak en ik kende ze nog allemaal. Kevin Ayers, Kevin Coyne, John Martyn, die gast van Be Bop Deluxe, Howard Devoto, Simon Jeffes, en nog enkelen. Maar hun muziek was ik vergeten. Of niet, maar had ik al veertig jaar niet meer gedraaid. Enkele songs en bands ben ik sindsdien op mijn YouTube playlist beginnen draaien. Beter dan Bowie heeft ook zo'n Spotify playlist. Geen Spotify voor mij, want ik wil geen eurocent van mij naar de oorlogsindustrie in Gaza en Oekraïne laten versluizen. Maar dit terzijde.
Ik ben de auteur erkentelijk en hoop dat hij nog muzikale meesterwerkjes in een literair hoogstaand boek zal gieten. Mijn erkenning is drieledig: 1. het lezen was een prettige ervaring met een week lang nieuwe oorwurmen; 2. mijn destijdse held Kevin Coyne krijgt een mooie ode en ik herontdek de unieke kwaliteit van zijn werk en 3. tenslotte rijpte bij mij het idee om iets soortgelijks te doen als podcast of zo, want ik mis de lange adem van Wouter Bulckaert, maar dan met de Belgische muziek tijdens en voortgesproten uit de punk.
Want En toen was er niets meer (De Brassers) is dè song die je opzet na afloop van dit boek, als blijkt dat de U.K. verpauperd en verweesd uit de seventies komt. Met ook nog een IJzeren Lady op hun dak. En toen was er niets meer is trouwens ook te horen in Dust, de film over de topper die een flopper werd en eind jaren zeventig in de westhoek ontstond: Lernout & Hauspie.
Synopsis
Beter dan Bowie : Kevin Ayers, Michael Chapman, Roy Harper, John Martyn, Kevin Coyne, Robert Wyatt, Simon Jeffes, Bill Nelson, Peter Hammill, Colin Newman, Graham Parker, Howard Devoto, Linton Kwesi Johnson