Het is wat het lijkt. Soort van.
(Urs Allemann in een interview over zijn boek:
It wasn’t an idea. It was an image. An image in my head. A vexing image. An image that was just suddenly there. Without reminding me of anyone or anything. Without eliciting any feeling in me. That’s what was vexing. A challenge. And then suddenly the sentence was there. As a response to the image? As an escape? As self-defense? I don’t know. “I fuck babies.” And then there was the decision to attempt to extract something like a story from this terrible sentence.)
Dit boek doet iets heel geks: heel hermetisch, een heel compacte sfeer, en toch is er zoveel ruimte die niet ingevuld raakt. Een verteller die baby's neukt, met een geslachtssteen, in een mansarde, die op stalen stelten staat. Er zijn andere personages: Linda, Paul. Er is de zin, de openingszin. Ik neuk baby's. Cruciaal is de vraag: wat is hier aan de hand? Het is redelijk duidelijk wat er aan de hand is. Het hele boek zit vervat in drie zinnen: Ik neuk baby's. Dat is mijn zin. Ik heb geen andere. Dat is wat er aan de hand is. Toch is dat geen antwoord op de vraag wat er aan de hand is.
Hoe werkt betekenis in fictie? Hoe komt een coherente werkelijkheid tot stand? Welke regels gelden daarbij? En wat gebeurt er als je die regels negeert?
Alles in dit verhaal vertrekt vanuit die ene zin: Ik neuk baby's. Daarbuiten is niets zeker. Er is een ruimte met korven en er zijn geneukte baby's, maar zelfs dat is niet helemaal duidelijk. Het hele verhaal vertrekt vanuit en plooit constant terug op dat ene idee van een verteller die baby's neukt. De rest is bijzaak.
Je krijgt op die manier vreemd genoeg een realiteit op zich waar het babyneuken niet eens afstotelijk of iets in die aard is. Het is het alfa en het omega van dit boekje. Je wordt er net als de verteller compleet door omringd. Het is het enige stabiele element in dit hele verhaal. Zodoende is het heel moeilijk om in die babyneukerbubbel een gat te prikken en het te verhouden tot een andere werkelijkheid waar er zoiets is als moraliteit. Die is er niet in dit boek, er is louter de vanzelfsprekendheid van een gegeven situatie - het moet wel vanzelfsprekend zijn: immers, zonder die ene zin stuikt dit boek geheel in mekaar.
Het onderwerp wordt dan zo zuiver en op zichzelf behandeld dat het zijn betekenis verliest of zo?
Dat is cool om te lezen. Het daagt je uit. Het stelt je als lezer voor een voldongen feit. Je doet er oprecht niet toe. Er zijn de vragen, waar het antwoord zo simpel is dat het nietszeggend is. Wat gebeurt er hier? Babyneuker. Fijne dag nog