Een dichter van wereldklasse
In de schilderkunst is expressionisme altijd een van mijn favoriete stromingen geweest, maar in de literatuur ben ik er (naast het sporadisch lezen van Paul Van Ostaijen) eigenlijk relatief mee onbekend. August Stramm is dus een mooie ontdekking geweest. Toevallig op gestoten bij de tuinverkoop van Boekhandel Walry en vervolgens in één ruk uitgelezen. Vooral de gedichten De Mensheid en Wereldwee lenen zich ertoe om voor te dragen. Ze zijn strak en hectisch geschreven, je leest ze in een cadans die je buiten adem achterlaat. Het is bijna niet te vatten wat Stramm eigenlijk bedoelt met zijn gedichten, je blijft met een rauw en ontheemd gevoel achter, terwijl je tegelijkertijd meteen ziet hoe hij de condition humaine in zo weinig mogelijk woorden wil proberen te vatten.
Stramm schrijft werelds en echts. De laatste en Wachten relateren meer aan de realiteit: in die korte stukjes tekst voel je de afgrijselijke realiteit van een soldaat in de loopgraven en van een jongen die wanhopig zit te wachten op een meisje. We leren Stramm als mens kennen, we voelen zijn ervaringen tot in ons eigen lijf doorzinderen.
De ervaring van hem te lezen vond ik ongelooflijk. Wat een woordkeuze, wat een ritme, wat een thematieken. Dat hongert naar meer!
Synopsis
Twee lange gedichten en twee korte prozastukken van de expressionistische Duitse dichter August Stramm (1874-1915).